Opstarten met Marta Ramirez

ico Marta Ramirez

  • opstarten

december 2024

Aan iedereen die met mij leest en schrijft,

Afgelopen winter schreef ik jullie, terwijl ik door landschappen trok, langzaam klimmend richting de Alpen. Ik sloot af met de geleende woorden: ‘the mountains are calling, and I must go’. Toen dacht ik dat de bergen me zouden redden van uitputting en mijn ritme van maken zouden herstellen.

Acht maanden later hoor ik hun roep niet meer. De bergen beloven geen aankomst meer. Ze zijn er, en ik ook. Hun stilte omringt me, niet als ontsnapping maar als blijvende aanwezigheid. Wat ooit verlangen was, is nu het alledaagse geworden.

In die stilte vond ik het ritme waar ik zo naar zocht op een andere manier terug. Ergens tussen de valleien en de gletsjers in viel de muziek stil (een beeld dat Esmée in deze rubriek gebruikte, en dat me is bijgebleven). Eerst probeerde ik die terug te vinden, luisterde ik aandachtig, wachtend op die vertrouwde drang om te creëren. Maar de bergen, met hun onverstoorbare kalmte, leerden me een ander soort luisteren. Een manier die John Cage trots had gemaakt: luisteren zonder verwachting. Geen terugkeer naar muziek, maar een resonantie met stilte.

Ik zie landschappen als co-werkers, spiegels van nieuwsgierigheid, verwondering en ruimte om te groeien

En toch betekent stilte geen leegte. Hier is zelfs stilstand levend: gletsjers fluisteren hun terugtrekking, bossen ademen mist in, rivieren vormen steen met geduld. Veel kunstenaars hebben bergen gebruikt als decor voor menselijk drama, maar nu ik hier leef, zie ik dat het sublieme niet ligt in het overweldigd worden, maar in de dialoog met het landschap. Het zelf verdwijnt niet, het stroomt mee met de rivieren, buigt mee met de bomen, reikt mee met de toppen. Ik zie landschappen als co-werkers, spiegels van nieuwsgierigheid, verwondering en ruimte om te groeien. Ze zijn niet alleen plekken van schoonheid, maar ook van breuk en vernieuwing.

Ik ben dankbaar dat BK-informatie ons de kans geeft onze verhalen te delen. Ze hebben ons op allerlei manieren verbonden. De woorden van andere afgestudeerden in dit tijdschrift bereiken me als herkenning: de plotselinge stilte wanneer muziek ophoudt, de vermoeidheid van steeds verhuizen, de eindeloze zoektocht naar geruststellende mantra’s. Ik koester elk van jullie teksten.

Na mijn vorige bijdrage schreef een lezer me dat mijn woorden haar de kracht hadden gegeven om over haar kunst te schrijven. Haar bericht bleef hangen, omdat ik juist in een proces van loslaten zat terwijl zij begon. Het voelde alsof er twee wegen uit elkaar liepen: één stem die vooruitging, en één die stilviel. Maar de natuur liet me zien dat uit elkaar gaan niet hetzelfde is als tegenstellingen. Rivieren splitsen en komen weer samen. Zaden blijven stil onder de grond voordat ze onverwachts ontkiemen. Beginnen en eindigen staan misschien minder ver uit elkaar dan we denken.

Wat in mij blijft, is de honger naar denken, naar dialoog, naar kennis die zich over disciplines uitstrekt als een bergketen die toppen verbindt. Ik verlang nog steeds naar de intensiteit van studeren, het onderdompelen in teksten en gesprekken waar ideeën gisten en vonken geven. Ik zal blijven studeren, niet om terug te keren naar wie ik was, maar om in beweging te blijven, om vragen te blijven stellen. Want als de bergen me iets hebben geleerd, dan is het wel dat permanentie een illusie is. Rotsen slijten, gletsjers trekken zich terug en bossen vernieuwen zich op manieren die niemand kan voorspellen. Ook identiteit verschuift met de seizoenen.

nl_NL_formalDutch